Opening
Denk aan mij, HEER, uit liefde voor uw volk,
zie naar mij om wanneer U het komt redden,
Hymne

melodie: Al wie dolend in het duister. Tekst: ?
Op een God die door de tijden
om zijn naam beleden is,
wachten mensen alle nachten
tot zijn licht verschenen is.
Op een God die voor de mensen
nieuwe toekomst deed ontstaan,
wachten wij in goed vertrouwen
tot zijn woord zal opengaan.
Op een God die voor de mensen
licht in donker heeft bereid,
wachten wij van ganser harte
tot zijn stem ook ons bevrijdt.
Psalm 106, 1-13
Halleluja! Loof de HEER, want hij is goed,
eeuwig duurt zijn trouw.
Wie kan zijn machtige daden verwoorden,
wie de roem van de HEER laten klinken?
Gelukkig wie zich houden aan het recht
en doen wat rechtvaardig is, telkens weer.
Denk aan mij, HEER, uit liefde voor uw volk,
zie naar mij om wanneer u het komt redden,
dan zal ik uw uitverkorenen gelukkig zien,
vreugde vinden in de vreugde van uw volk,
vervuld zijn van trots op uw liefste bezit.
Wij hebben gezondigd zoals onze voorouders,
wij hebben gefaald en kwaad bedreven.
Toen onze voorouders in Egypte waren,
sloegen zij geen acht op uw wonderen,
dachten zij niet aan uw tekenen van trouw,
en kwamen in opstand aan de oever van de Rietzee.
Toch redde hij hen, tot eer van zijn naam,
om hun zijn macht te tonen.
Op zijn dreigen viel de Rietzee droog,
hij leidde hen door de diepte als door een woestijn.
Hij redde hen uit de greep van hun haters,
verloste hen uit de greep van de vijand.
Het water bedekte hun belagers,
niet één van hen bleef in leven.
Toen hadden zij vertrouwen in zijn woorden
en bezongen ze zijn roem,
maar snel vergaten zij wat hij gedaan had,
ze wachtten niet geduldig zijn plannen af.
Stilte
Schriftlezing
1 Koningen 11, 4-13

Marcantonio Franceshini 1709: Salomo vereert de afgoden. Galleria Nazionale di Palazzo Spinola, Genua
Op zijn oude dag verleidden de vrouwen Salomo tot het dienen van andere goden; hij was de HEER zijn God niet meer zo met hart en ziel toegedaan als zijn vader David. Salomo vereerde Astoret, de godin van de Sidoniërs, en Milkom, de gruwel van de Ammonieten; hij deed wat de HEER mishaagde en diende Hem niet zo trouw als zijn vader David.
Zo liet Salomo op de berg ten oosten van Jeruzalem een offerhoogte bouwen voor Kemos, de gruwel van Moab, en voor Moloch, de gruwel van de Ammonieten. Hetzelfde deed hij voor al zijn buitenlandse vrouwen die voor hun goden wierook wilden branden en offers brengen.
Toen werd de HEER, de God van Israël, woedend op Salomo omdat hij zich van Hem had afgekeerd, nadat Hij hem tweemaal verschenen was. De HEER had hem uitdrukkelijk verboden andere goden te vereren, maar Salomo had zich niet gehouden aan het verbod van de HEER. Daarom zei de HEER tegen hem: ‘Omdat het met u zo ver gekomen is, dat u zich niet houdt aan mijn verbond of aan de wetten die Ik u heb opgelegd, zal Ik het koninkrijk van u wegnemen en het geven aan een van uw knechten. Maar omwille van uw vader David zal Ik dit niet tijdens uw leven doen; Ik zal het wegnemen uit de hand van uw zoon. Toch zal Ik niet het hele koninkrijk wegnemen: één stam zal Ik voor uw zoon overlaten, omwille van David, mijn dienaar, en omwille van Jeruzalem, de stad die Ik uitverkoren heb.’
Bezinningstekst
Uit: God is ieder ogenblik nieuw. Gesprekken met Edward Schillebeeckx blz 49ev.
Interviewer Huub Oosterhuis
Dus als van Jezus gezegd wordt: hij is de Messias, dan is dat ‘inclusief’: hij is Messias samen met Martin Luther King en al die anderen, of ze hem nu kennen of niet, en of ze de zaak van de mens nu als Gods zaak erkennen of niet.
Edward Schillebeeckx:
Ja, maar van de andere kant moet ik ook zeggen: ik zou het niet weten zonder hem, als hij ons niet was voorgegaan.
Huub Oosterhuis:
Dat het inclusief is, weet je alleen door Jezus, en je hebt hem nodig om dit inzicht vast te houden.
Edward Schillebeeckx:
In Jezus is het mij openbaar geworden, en voor ons mogelijk gemaakt. Het is niet alleen een kwestie van inzicht: in hem is mijn hoop gegrondvest dat het ook werkelijk mogelijk is, en niet blijft bij een vage utopie. Buiten hem vind ik althans geen andere vaste grond voor die hoop. Utopische verwachtingen zijn historisch wel werkzaam, maar ergens worden ze zelfs door de kritische rede lamgelegd.
Jezus deed het gewoon, en de nog zo kritische rede (die niet op eigen voordeel bedacht is) kan mijns inziens daartegenover geen plausibele tegenargumenten aanbrengen. Mijn grondoptie is dat ‘de Rede’ zelf rederoverschrijdende dimensies opent. Daarmee staat of valt heel mijn menselijke levensoptie. Daarom wil ik redelijk zijn in heel mijn geloof en gelovig in heel mijn redelijkheid. Voor mijzelf is dit de kern van mijn leven. Ik durf zelfs te zeggen dat deze wellicht thomistisch te noemen levenshouding mijn huidige verzet wakker roept tegen zowel het positivistisch rationalisme (dat in veel van onze universiteiten heerst) als tegen het (neo) fundamentalisme dat onder de schijn van vroomheid onze menselijkheid in de wortel aantast.
Gebed
Eeuwige God,
uw trouw aan ons is zo volmaakt
dat wij dat nooit op gelijke voet
kunnen beantwoorden.
Help ons uw trouw nooit te beschamen.
Slotformule
Laten we de Eeuwige dank zeggen
want hij is onze dankbaarheid waardig.
Een heel waardevol initiatief, dit Dominicaans brevier!